17-04-2026

Respijtzorg: nice to have of bittere noodzaak?

Aanvankelijk stond het wat ver van ons af, immers ben ik zo`n man die het zelf wel kan. Ik zorg zelf voor mijn partner, dat was een belofte tijdens onze huwelijkse verbintenis, menigeen zal zich vast hierin herkennen. En voor mijn vrouw is het zoiets van ‘onbekend is onbemind’, bovendien: privileges daar houden wij niet van. Maar het idee dat er sterke behoefte was om met name voor mij als echtgenoot en mantelzorger enig rustmoment te vinden, ontwikkelde zich steeds meer behoefte om een try out te doen.

Het gevoel bleef bestaan of het niet zoiets was van, wordt dit nu een luxe, worden wij niet te veel in de watten gelegd, immers moeten wij de last van het leven dragen, maar ja.. als ik omval, wat dan? Als een vrachtwagen zijn onderhoud niet krijgt, kan hij ook zijn last niet meer vervoeren en staat alles stil.

Dus stemden wij in met een weekend respijtzorg, mijn vrouw was ook  nieuwsgierig. Ons werd uitgelegd dat het ons beide goed zou doen. Een manco: het kon nog wel even duren voor wij aan de beurt waren want er was een wachtlijst. Welnu, het zij zo: ieder op z`n beurt!

Toen wij voor de eerste keer naar het Julianakwartier gingen om mijn vrouw daar voor drie nachten (een lang weekend) te laten verblijven, was dit even vreemd. Je wordt allerhartelijkst ontvangen, haar kamer (die zij als haar kamer mocht beschouwen) werd getoond, evenals de woonkamer(s) en overige faciliteiten waar zij gebruik van mag maken. Ruim opgezet en voldoende te doen als je – zoals mijn vrouw – nog enigszins assertief bent.

De bedoeling was – zo werd mij voorgesteld – dat de dagen dat mijn vrouw daar verbleef, ik mijzelf met andere leuke dingen zou bezighouden. Ik zou niet steeds op bezoek komen, dit konden dan beter kinderen/kleinkinderen of andere familie of vrienden zijn. De reden was dat ik dus echt volledig tijd voor mijzelf had en geen mantelzorgtaken hoefde uit te voeren; de kern van respijtzorg raakte je hiermee. Je wordt totaal ontlast van je zware zorgtaken voor een korte periode.

Mijn vrouw bleef dus in het Julianakwartier en ik ging huiswaarts. Heel vreemd en ik wist mij even geen raad. Vrijdag niet, zaterdag niet, zondag niet, en toen het maandag was en ik haar weer ging ophalen kon ik alleen maar de conclusie trekken dat ik wel rust had gehad, maar niets had gedaan. Een verschrikkelijke vermoeidheid was mij overvallen.

Mijn vrouw was opgetogen. Ik heb haar in tijden niet zo blij gezien; ze straalde uit haar ogen en leek heel voldaan. Ze kon ook nog enigszins verhalen wat ze zoal gedaan had, maar de kern was dat ze blij was. Dat was voor mij voldoende, het zaadje was geplant.

‘Wanneer mag ik er weer heen?’ vroeg ze in de auto onderweg naar de dagbesteding. ‘Och lieverd, ik moet eerst afwachten wat men kan organiseren binnen de zorg en het WLZ pakket, ik weet het allemaal niet, het is zo complex allemaal. We wachten even af, maar ik beloof je dat ik erover zal informeren.’

Ze werd steeds onrustiger in de dagen erna. Thuis ben ik de man die moet zorgen dat alles in goede banen loopt. Dus ook de ‘boeman’, beslist niet eenvoudig. Haar verlangen naar de plek waar zij zichzelf kon zijn, bij respijtzorg, trok steeds meer. Soms werd ze ontstemd en riep ze: ‘Ik wil daarheen, waar ik toen geweest ben. Je weet best wat ik bedoel!’

Natuurlijk wist ik dat, maar ook nu moesten wij wachten of er gelegenheid was. Deze kwam er gelukkig en vanaf dat moment ging het in een structuur (iedere maand een weekend), wat een uitkomst.

Na het gebruik ervan kwamen we samen tot de conclusie dat het zeker een nice to have was, maar zeker ook een noodzaak gebleken. Je kunt dan niet meer zonder respijtzorg. Hadden wij dit niet gedaan, dan mag ik veronderstellen dat ik als mantelzorger op enig moment omgevallen was. Iedereen zag het, meerdere mensen om mij heen riepen het, hadden er zorgen over, alleen ikzelf zag het niet, want: ik moest voor mijn vrouw zorgen!

Na een jaar van respijtzorg werd het thuis met name voor mijn vrouw een onacceptabele situatie. Ze wilde wonen waar ze in haar hoedanigheid zichzelf kon zijn. Het is ontzettend mooi dat dit proces naadloos en probleemloos in elkaar is overgegaan. Mijn echtgenote woont nu sinds januari in het Julianakwartier Klein Geluk, met heel veel plezier.

Respijtzorg is meen ik een medische term. Klinkt ook als iets van ‘daar krijg je vast spijt van’.  Logeerzorg is een vriendelijkere naam en betekent hetzelfde. Met mijn kennis van nu zou ik adviseren: omarm deze vorm van ondersteuning – en hoewel de voorzieningen schaars zijn en hopelijk in de regio wat opgeschaald moeten gaan worden – want de vergrijzing en dus ook de problematiek Alzheimer/dementie zal toenemen. Logeerzorg zal onvermijdelijk blijken te zijn.

Hennie Zonneveld

PS: beide foto’s zijn momentopnames van een uitje. De onderste is van 2024 en de bovenste van 2025 waarin het proces van achteruitgang qua uitstraling al zo herkenbaar is, Maar ze geniet op haar manier nog van de kleine geneugten en is dankbaar voor wat wij samen hadden en nu nog hebben.

 

Karin S 2

Karin Storm

Mantelzorgconsulent, Respijtzorg

Meer weten over respijtzorg? Karin vertelt je er graag over.